Voorspoed

Het was in vele media te zien of te lezen de voorbije weken. Onder de kop ‘Wat verandert er vanaf 1 januari 2018?’ (soms aangevuld met de ondertitel ‘en wat betekent dit voor uw portemonnee’) krijgen we bij wijze van nieuwjaarsdiner een resem aan maatregelen voorgeschoteld, het gevolg van beleidskeuzes van het afgelopen jaar of zelfs nog daarvoor.
Zo wil men ons doen geloven dat dit jaar de koopkracht gevoelig zal stijgen.  Er zullen zeker wel groepen zijn die het beter zullen hebben.  De rijksten worden er immers nog rijker op. Zo kan het natuurlijk ook lukken om het gemiddelde inkomen te laten stijgen. 
Aan de onderkant van deze berekening is de hoerastemming minder groot.Als het netto-inkomen onder invloed van de taxshift al (beperkt) positief evolueert, dan wordt deze teniet gedaan door een hogere kost van allerlei andere facturen als water, openbaar vervoer,…
Meer verdienen? Misschien nog net voor sommigen. Meer koopkracht? Alleen voor de ‘happy-few’.  Niet voor de gewone mensen.
Die dreigen alleen langer te moeten werken, in steeds moeilijker omstandigheden (zie ook mijn bijdrage op blz. 16 van dit nummer van Visie), voor een lager pensioen in de toekomst.
Met de manifestatie van 19 december gaven de vakbonden een niet onbelangrijk signaal. Premier Michel zegt daarbij dat we als vakbond de mensen leugens wijsmaken, maar spreekt ons niet tegen als we blijven zeggen dat de pensioenleeftijd wordt opgetrokken tot 67,  de indexsprong ook zorgt voor 2 % minder pensioen, de landingsbanen en het SWT zijn afgebouwd, dat wie langer dan 1 jaar werkloos is in de toekomst mogelijk minder pensioen krijgt, evenzo voor wie vroeg is beginnen werken en op het einde van de loopbaan in SWT gaat of werkloos wordt.  Bovenop zijn in het winterse zomerakkoord nog eens 265 miljoen extra besparingen op pensioenen opgenomen. Feiten, geen leugens.
We geloven nooit dat het puntensysteem dat de Minister van Pensioenen wil uitwerken, kan zorgen voor voldoende hoge, zekere en doorzichtige basispensioenen. Zeker niet zoals het nu wordt uitgedacht.
Het blijvende verzet tegen deze plannen zal in 2018 in elk geval ook in West-Vlaanderen op de ACV-agenda staan.
Voor een provinciale organisatie als de onze sprong me ook een andere wijziging sinds de jaarwissel in het oog. De bevoegdheden van de provincies zijn veranderd – lees afgebouwd.
De persoonsgebonden materies (welzijn, onderwijs, cultuur, sport,…) worden verwezen naar een hoger (Vlaams) of lager (steden en gemeenten) niveau. 
De ‘hardere materies’ als economie en tewerkstelling mogen dan wel provinciaal blijven, in de omkadering ervan kan een “tussenniveau dichterbij de mensen” als de provincie volgens mij nog steeds een belangrijke meerwaarde bieden. In de economische streekontwikkeling zijn we ook als sociale partner betrokken partij om in overleg met werkgevers en politiek vorm te geven aan ‘werk in eigen streek’ en meer welvaart voor iedereen in de provincie. We rekenen erop dat na de provincieraadsverkiezingen van later dit jaar dit zo blijft en dat ook de Vlaamse Regering zal blijven inzetten op steun aan een subregionaal streekbeleid samen met de lokale actoren met de provincie als sturende en stuwende kracht. 
De ‘voorspoed’ die we elkaar bij de start van een nieuw jaar wensen kan ook op deze manier meer zijn dan een obligate wens.
Ze kan die wens dat ietsje meer inhoud geven.  Al blijven we jullie allen uiteraard ook in eerste instantie een gelukkig en gezond 2018 wensen.